Met de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart in aantocht staan gemeenten voor belangrijke keuzes. Tegelijkertijd krijgen zij steeds meer taken van het Rijk, terwijl de financiële ruimte kleiner wordt. Volgens burgemeester Derk Alssema maakt dat lokale politiek belangrijker dan ooit.

Door Tim van Laerhoven

Volgens Alssema staan de komende jaren verschillende belangrijke projecten op de agenda. Zo wil de gemeente de economische positie van het bedrijventerrein verder versterken. “Het bedrijventerrein geeft veel economische en internationale betekenis aan onze gemeente. Dat willen we de komende jaren blijven stimuleren”, zegt hij. Ook op het gebied van infrastructuur liggen er grote plannen. Een voorbeeld is de aanleg van een nieuwe spoortunnel. “Dat is een project van ongeveer zeventig miljoen euro. Daarmee laat een gemeente van onze omvang zien dat ook grote projecten mogelijk zijn”, aldus Alssema.

Meer taken vanuit Den Haag

Tegelijkertijd merkt de burgemeester dat gemeenten steeds meer taken van de landelijke overheid krijgen. Volgens hem heeft dat ook voordelen.

“Voor veel onderwerpen staan wij dichter bij de inwoners dan de landelijke overheid. Neem bijvoorbeeld jeugdzorg. Gemeenten weten vaak beter wat er speelt binnen gezinnen en kunnen daardoor sneller en gerichter helpen”, zegt hij.

Volgens Alssema ontstaat er wel een probleem wanneer het Rijk tegelijkertijd bezuinigt op gemeenten. “Je kunt niet tegen een gezin zeggen dat er dit jaar geen hulp beschikbaar is omdat het budget op is. Dat is waar het soms wringt”, aldus de burgemeester.

‘We moeten het doen met minder geld’

De financiële druk zorgt er volgens de burgemeester voor dat de gemeenteraad steeds scherpere keuzes moet maken.

“We moeten het doen met minder geld. Daardoor moet de gemeenteraad prioriteiten stellen, bezuinigen en waar nodig belastingen verhogen”, zegt hij.

Toch hebben raadsbesluiten volgens hem nog altijd duidelijke gevolgen voor inwoners. “De raad beslist bijvoorbeeld hoe het nieuwe Wilhelminaplein wordt ingericht, of VV Rijen of VV Gilze geld krijgt voor een nieuw voetbalveld en hoe hoog de lokale belastingen zijn. Dat zijn keuzes die inwoners echt merken”, aldus Alssema.

Financieel staat Gilze en Rijen er volgens de burgemeester relatief goed voor. “Als je kijkt naar landelijke ranglijsten van gemeentebelastingen, behoren wij tot de goedkopere gemeenten van Nederland. We horen ook niet bij de gemeenten die hun begroting niet rond krijgen. Ondanks die lage belastingen proberen we zoveel mogelijk voorzieningen voor onze inwoners te behouden”, zegt hij.

Dicht bij inwoners

Als burgemeester probeert Alssema zichtbaar en benaderbaar te blijven. Zo bezoekt hij regelmatig evenementen in de gemeente en spreekt hij inwoners waar mogelijk persoonlijk. “Daarnaast gebruik ik sociale media om mensen te bereiken die ik niet snel op straat tegenkom”, zegt hij.

Ook probeert hij bewust vaker wandelend door het dorp te gaan. “Als het kan wandel ik door het dorp in plaats van dat ik de auto pak. Zo kom je makkelijker met mensen in gesprek”, aldus Alssema.

De burgemeester wordt in Nederland niet rechtstreeks door inwoners gekozen, maar door de gemeenteraad benoemd. Volgens hem heeft dat ook voordelen.

“Als burgemeester heb je niet overal zeggenschap over. Doordat je niet rechtstreeks wordt gekozen, hoef je tijdens verkiezingen ook geen beloftes te doen die je misschien niet kunt waarmaken. Als burgemeester sta je tussen de burgers en de gemeenteraad in en dat zorgt voor rust”, zegt hij.

Met het oog op de komende verkiezingen hoopt hij vooral op een hogere opkomst. Bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen bleef de opkomst in Gilze en Rijen net onder de vijftig procent. “Dat vind ik te laag. Ik hoop dat meer inwoners deze keer hun stem laten horen”, aldus Alssema.